‘Witte Huis loog
935 keer over Irak’
Gepubliceerd: 23 januari 2008
Door een onzer redacteuren
Rotterdam,
23 jan. In de twee jaar na de aanslagen
van 11 september 2001 hebben
president Bush en hoge regeringsfunctionarissen
zeker 935 onwaarheden verkondigd over vermeende bedreiging van Irak voor de nationale veiligheid van de Verenigde
Staten.
Dit blijkt uit een onderzoek
dat het
Volgens
de studie werd in twee jaar tijd
in 532 toespraken, persconferenties,
interviews en andere publieke
optredens gesteld dat Irak over massavernietigingswapens
beschikte of deze wilde maken of verkrijgen, of dat de regering van Saddam Hussein banden
onderhield met het terreurnetwerk Al-Qaeda. Van beide beweringen staat inmiddels vast dat ze onwaar
zijn geweest.
Volgens het onderzoek waren de uitlatingen „onderdeel van een vooropgezette campagne die de publieke opinie doelmatig voorbereidde en het land gaandeweg richting oorlog leidde onder
valse voorwendselen”. De VS, gesteund door onder andere Groot-Brittannië, vielen Irak in maart 2003 binnen.
President
Bush nam 232 van de verklaringen
voor zijn rekening, zijn toenmalige minister van Buitenlandse
Zaken Colin Powell 244. Ook
minister van Defensie Donald Rumsfeld
(109 maal), Witte Huis-woordvoerder
Ari Fleischer (109), onderminister
van Defensie Paul Wolfowitz
(85), toenmalig Nationaal Veiligheidsadviseur Condoleezza Rice (56) en vicepresident Cheney (38).
De onderzoekers wijzen verder op het „cumulatieve effect” van deze uitlatingen, dat „massaal” was doordat de verslaggeving erover „een bijna ondoordringbaar
kabaal veroorzaakte in de belangrijke maanden in de opmaat naar de oorlog. Sommige journalisten – soms zelfs hele nieuwsorganisaties
– hebben sindsdien erkend dat hun
verslaggeving in deze vooroorlogse maanden te volgzaam en onkritisch was [...] veel van deze verslaggeving leverde zelfs een
aanvullende, ‘onafhankelijke’
bevestiging van de valse verklaringen van de regering-Bush
over Irak. De ‘werkelijkheid
op de grond’ in Irak zelf dwong de president uiteindelijk terug te krabbelen, hoewel
met tegenzin.”